Zoek een lied

{{ filtered.length }} van {{ totalItems}} liederen getoond

Geen liederen of gedichten gevonden

104a - Zend Ge uw ademtocht, uw werken ontstaan


Antwoordpsalm
Ida Gerhardt Marie van der Zeyde
Maurice Pirenne

Tekst

De tekst is Psalm 104,1-2.5-6.24.30-31 uit de psalmvertaling van Ida Gerhardt en Marie van der Zeyde.


Melodie

Ontstaan en verspreiding

‘Zend Ge uw ademtocht’ is ontleend aan de serie Wisselende gezangen voor het liturgisch jaar, die verscheen in de jaren 1977-1980. Deze psalmcompositie dateert uit 1978. De Wisselende gezangen zijn een verzameling eenstemmige gezangen voor voorzang en orgel en als zodanig een Nederlandstalig Antiphonale, een klassiek boek met intredezangen, tussenzangen, acclamaties en communiezangen voor de verschillende zon- en feestdagen van het liturgisch jaar. ‘Zend Ge uw ademtocht’ is bedoeld als tussenzang voor de paaswake en Pinksteren. De componist is Maurice Pirenne (1928-2008).
Na publicatie in Wisselende gezangen werd deze beurtzang opgenomen in het eerste deel van het project met antwoordpsalmen U zoekt mijn hart (1990).

Metrum

De melodie van Liedboek 104a is bijzonder om haar metrisch ingedeelde declamatorische tekst. Merk op dat een min of meer vast ritmisch metrum ontbreekt. Is de genoteerde maatindeling vooral bedoeld als ondersteuning voor de (amateur-)zanger, die niet gewend is aan de bekende ‘bolletjesnotatie’, van het Abdijboek, het eenstemmige getijdenboek van de Nederlandstalige monastieke wereld? Zo is in de melodie van de voorzangverzen nagenoeg niets te merken van een cadans of van een nadruk op de ‘eerste’ of ‘derde’ tel, nee, het is de tekst die spreekt. Met andere woorden: er wordt over de maatstreep heen gezongen. Pirennes melodie had heel goed ook in bolletjesnotatie weergegeven kunnen worden.
Het is in dit verband veelzeggend dat de componist niet is uitgegaan van een 4/4-maatindeling, maar van een 2/2-maat, waarmee hij waarschijnlijk een vlotte, declamatorische, ietwat vrije voordracht van de tekst suggereert. Suggestie: kies als tempo MM = 84 voor de kwartnoot.

Modaliteit

Ook de verhouding woord-toon is opvallend: in het refrein komt de melodie bij ‘ontstaan’ tot leven. Het is een retorisch procedé uit de baroktijd. De modaal uitspringende noten gis’ en dis’ van de voorzang benadrukken Gods ontzaglijke, in licht gehulde luister. Vanzelfsprekend begint vers 2 melodisch laag – wegens het gronden van de aarde op haar zuilen – en staat ‘onwrikbaar’ op een stevig metrisch steunpunt. Uiteraard duurt de noot van ‘eeuwig’ lang en staat ‘oerzee’ op het meest bewogen moment van de melodie.
Veelzeggend is ook de frygische modaliteit, dé mineurmodus: diep gebogen bidden we om Gods ademtocht. Om de halve toonsafstand na de tonica, de hoofdtoon, en de hele-toonsafstand daaraan voorafgaand is frygisch dé declameer-modus. Eigenlijk moet een antwoord op de vraag naar de modaliteit van deze muziek niet verticaal gezocht worden, maar horizontaal: de declamatie van de tekst bepaalt de modaliteit. Een kruis of een mol voor een noot houdt vaak verband met de tekst en niet met een vooraf gekozen modaal systeem. Strofe 3 werd door Pirenne aangepast aan de melodie van strofe 1. Pirenne zal strofe 2 een eigen melodie gegeven hebben om zijn tot plastische retoriek nodigende tekst.

Het verdient ten slotte aanbeveling – het is een ‘must’! – de orgelbegeleiding van Pirenne zelf te gebruiken, want het bovenstaande komt ook in de begeleiding tot uiting .

Auteur: Anton Vernooij


Media

Uitvoerenden: Amersfoorts Vocaal Ensemble o.l.v. Gert Bremer; Gert Bremer, cantor; Frans Haagen, orgel