Zoek een lied

{{ filtered.length }} van {{ totalItems}} liederen getoond

Geen liederen of gedichten gevonden

961 - Niemand leeft voor zichzelf


Kernvers
Huub Oosterhuis
Floris van der Putt

Tekst

Ontstaan en verspreiding

Over het ontstaan van ‘Niemand leeft voor zichzelf’ vertelt Huub Oosterhuis: ‘In februari 1966 was het dat bisschop Bekkers [Wilhelmus Marinus Bekker, 1908-1966, bisschop van ’s-Hertogenbosch van 1960 tot 1966 en in die functie geliefd, PE] ongeneeslijk ziek bleek te zijn. Jan Beex, directeur van het liturgisch centrum van het bisdom Den Bosch, vroeg me om ‘alvast’ teksten te schrijven voor zijn uitvaart. Ik maakte een absoute [in de rooms-katholieke uitvaartliturgie het gebed voor de overledene, voorafgaand aan het ‘In paradisum’, PE], voorbeden en ‘Niemand leeft voor zichzelf’. Floris van der Putt schreef er een melodie bij, we hoopten dat het een beetje een Nederlands ‘In paradisum’ zou worden. (…) Op 14 mei werd hij begraven. Die avond keek ik met mijn vader naar de televisiebeelden van zijn laatste tocht door Brabant, van Den Bosch naar Sint Oedenrode, in ieder dorpje werden bloemen op de kist gelegd en overal werd ‘Niemand leeft voor zichzelf’ gezongen’ (Licht dat aanblijft. Kees Kok in gesprek met Huub Oosterhuis. Kampen 1990, 46-47).

Dit korte liturgische gezang is in veel liedbundels opgenomen, onder andere Randstadbundel (1970, nr. 389); Liturgische gezangen voor de viering van de eucharistie I (1972, nr. 124); Zingt Jubilate (1977, nr. 923); Gezangen voor liturgie (1984, nr. 501); Oud-Katholiek Gezangboek (1990, nr. 489); Tussentijds  (2005, nr. 80) en Zangen van zoeken en zien (2015, nr. 553).

Inhoud

De tekst is een bewerking van Romeinen 14,7-8, volgens de dichter ‘een spreuk of een liedje dat al in de eerste decennia na Jezus’ dood de ronde deed’ (idem, 47).


Melodie

Floris van der Putt schreef een melodie in A-groot, waarvan het tempo zeker niet te hoog moet liggen: de notatie is in een 4/4-maat en niet een 2/2-maat! In de begeleidingsbundel is de zetting van Bernard Huijbers opgenomen. In de originele begeleiding van de componist noteert hij achtsten en zestienden in de laatste regel! In deze oorspronkelijke notatie zijn de noten van de woorden ‘aan Hem behoren wij toe’ voorzien van portato-streepjes.


Liturgische bruikbaarheid

Dit kernvers kan gebruikt worden aan het einde van een uitvaartdienst of bij de graflegging. Ook is het zeer geschikt om te gebruiken als een overleden gemeente- of parochielid wordt herdacht in de zondagsliturgie na het overlijden.   

Zie voor een algemene toelichting het overzichtsartikel Het kernvers.

Auteur: Pieter Endedijk


Media

Uitvoerenden: Koor van de Amsterdamse Studentenekklesia o.l.v. Tom Löwenthal