Zoek een lied

{{ filtered.length }} van {{ totalItems}} liederen getoond

Geen liederen of gedichten gevonden

967 - Zonne der gerechtigheid


Een eerste kennismaking

De tekst van dit lied komt als een eenheid over, maar het aantal namen dat bij het lied vermeld staat, geeft aan dat de ontstaansgeschiedenis gecompliceerd is: drie Duitse dichters die elkaar niet gekend hebben en waarvan de gezamenlijke geboorte- en sterfjaren meer dan tweehonderd jaar omvatten. Het lied is afkomstig uit de kring van de Herrnhutters, waar het niet ongebruikelijk was het ene lied met het andere te combineren. Ook de Nederlandse vertaling is een combinatie van twee teksten. Eén naam ontbreekt in het Liedboek in het rijtje van dichters van dit lied: Otto Riethmüller (1889-1938). Voor het door hem samengestelde Jugendgesangbuch (1932) koos hij de bij ons bekende melodie. Deze melodie behoorde echter bij een strofebouw van vijf regels met in de laatste regel vier noten. Riethmüller schreef op deze restnoten als een soort refrein de woorden ‘Erbarm dich, Herr’, en zo kreeg het lied zijn bekendheid. Het is niet alleen een gebed om eenheid en vernieuwing van de gemeente van Christus, maar ook wordt het verlangen verwoord dat het ‘voortvarend woord’ zijn weg vindt in de wereld (strofen 4 en 5).

Auteur: Pieter Endedijk


Sonne der Gerechtigkeit

Christian David Christian Gottlob Barth Johann Christian Nehring
Ad den Besten Frederik Mooi
Praag 1566
Mensch, erheb dein Herz zu Gott

Tekst

Deze toelichting is overgenomen uit ‘Een Compendium van achtergrondinformatie bij de 491 gezangen uit het Liedboek voor de kerken’ (Amsterdam 1977) en wordt tijdelijk op deze site geplaatst. Deze tekst wordt vervangen als er een definitieve toelichting beschikbaar is. 

Wie dit lied zingt, zou – zonder dat het eronder stond – stellig niet vermoeden, dat het zo’n gecompliceerde ontstaansgeschiedenis heeft. Het is het werk van drie dichters van wie de jongste meer dan honderd jaar later geboren werd dan de beide andere! De strofen 1 en 6, die op naam staan van Christian David, zijn afkomstig uit een lied, waarin met kracht wordt geroepen om vernieuwing van de kerk. In de kring der Herrnhutters, waar men zich om het auteurschap van teksten volstrekt niet bekommerde en waar men toch al gewoon was, zonder overgang het ene lied na het andere te zingen, ja zelfs coupletten van het ene en coupletten van het andere door elkaar heen te zingen, werden deze beide strofen al heel gauw met strofen uit een ouder lied van Johann Christian Nehring gecombineerd (strofen 2, 3 en 7), – een lied dat op zijn beurt bij de Herrnhutters al eerder vermengd was geraakt met een lied van een zekere Michael Müller. Veel later voegde het Beierse gezangboek enkele strofen uit een zendingslied van Christian Gottlob Barth aan het geheel toe.

Men kan achteraf eigenlijk alleen maar de intuïtie bewonderen van degenen die zich het lied in zijn huidige vorm hebben zurechtgesungen. Dat het zo’n sterke eenheid vormt is te danken aan het feit, dat de drie dichters, die elkander nooit hebben gekend, één waren in hun visie op de opdracht der kerk ten aanzien van de volkeren. In Duitsland is Sonne der Gerechtigkeit niet voor niets tot het meest geliefde zendingslied geworden.

Is de oorspronkelijke tekst van drie dichters, de vertaling staat op naam van twee. Enige tijd nadat in de Hervormde Gezangencommissie mijn vertaling was aanvaard, kwam een tweede bewerking van Frederik Mooi, hervormd predikant te Haren, ter tafel. Hiervan beviel ons de slotstrofe zo goed, dat daaraan de voorkeur werd gegeven boven mijn oorspronkelijke versie van dat couplet.

Auteur: Ad den Besten

In de bovenstaande bespreking ontbreekt een belangrijke naam, namelijk die van Otto Riethmüller (1889-1938), predikant van de Evangelische Kirche en samensteller van de liedbundel voor de jeugd: Ein neues Lied.
Hij was degene die op het idee kwam om de vierregelige tekst (7-7-7-7) van Sonne der Gerechtigkeit te verbinden met de vijfregelige melodie (7-7-7-7-4) van Mensch, erheb dein Herz zu Gott. De vier ‘overbodige’ noten van de laatste regel gaven Riethmüller de mogelijkheid om de van drie dichters bijeengelezen vierregelige strofen nog sterker tot een eenheid te binden door toevoeging van een gemeenschappelijk ‘refrein’: Erbarm dich, Herr. We mogen Riethmüllers ingreep zonder meer een vondst noemen. Pas in zijn versie uit 1932 heeft dit lied zijn grote verspreiding gevonden.

Auteur: Wim Kloppenburg


Melodie

Johannes Kulp weet over de melodie van dit lied te berichten, dat ze von einem derben Bettlerliede afkomstig is, waarvan de tekst (Der reich Mann geritten aus) in een vijftiende eeuws handschrift is teruggevonden. Een en ander werd voor het eerst gepubliceerd door de Neurenberger arts en musicoloog Georg Forster in 1556. De Boheemse Broeders zijn de zangwijs gaan gebruiken voor een geestelijk lied, Mensch, erheb dein Herz zu Gott, – dat was in 1566. Met de verzamelde strofen (zie boven) van het zendingslied’ werd de melodie pas veel later verbonden, via de jeugdliederenbundel Ein neues Lied.

De Geneefse Psalm 107, met zijn stoer dorische melodie, zou als peetvader aan de wieg van dit lied hebben kunnen staan, – maar het is in een fris majeurgewaad gestoken, al buigt het aan het slot van iedere strofe deemoedig het hoofd door op gedragen toon (in dalende lijn) te bidden: ‘Erbarm u, Heer’.

Bij het zingen dient men om te beginnen bedacht te zijn op de melismen in de eerste en tweede regel: daarvan wordt de vijfde lettergreep gedragen door een aantal tone. Vervolgens dient er van de slotnoten der regels 1, 2, 3 en 5 telkens een kwartrust te worden afgenomen, wil men met de volgende regel op tijd kunnen inzetten; er moet in ieder geval voor gewaakt worden, dat de halve noten, waarmee de eerste en de tweede, en de kwarten, waarmee de derde en de vierde regel beginnen, niet onwillekeurig worden verkort of overhaast gezongen, – dan dreigt heel deze prachtige melodie te bezwijken. En ten slotte verdient het aandacht, dat de vierde en de vijfde regel bij elkander horen en een muzikale eenheid vormen; tussen die regels moet dus geen adem worden gehaald.

Auteurs: Willem Vogel / Bernhard Steinvoort


Media

Uitvoerenden: Interkerkelijk Koor Zevenmaal Hardenberg o.l.v. Riekus Hamberg; Piet Wiersma, orgel