Iona als bron van liederen


Het eiland Iona

Voor de westkust van Schotland ligt het eiland Iona, zo’n vijf bij twee kilometer groot. Om er te komen steek je over naar Noord-Engeland en reis je via Glasgow naar de Schotse havenplaats Oban. Daar neem je de boot naar Mull en ga je bijna zestig kilometer over dat eiland om dan bij het laatste pontje te komen naar Iona, dat je al ziet liggen. Driemaal laat je het land waar je was achter je, en ga je naar waar de zon ondergaat, aan het einde van de wereld. Daar verblijf je een week in het huidige klooster of in het tegenovergelegen McLeod slaaphuis en leer je over het Keltische christendom. Rondwandelingen horen erbij, als pelgrim in de ruige natuur daar, met de Atlantische oceaan overal om je heen. Het is archeologisch een van de oudste plekken op aarde. Wie er komen, noemen het a thin place – met slechts een dunne sluier tussen jou en de eeuwigheid om je heen.

Iona is een spirituele plek. St. Columba arriveerde er in de vijfde eeuw om er, naast de vele kloosters die hij al in Ierland gesticht had in de traditie van St. Patrick, met twaalf gezellen een klooster te beginnen. Van daaruit werd het huidige Schotland gekerstend, later ook Noord-Engeland, waar onze apostel Willibrord opgroeide. In het scriptorium van Iona ontstond het beroemde evangeliehandschrift dat nu in Dublin tentoongesteld wordt als het Book of Kells; het heet zo omdat dit handschrift in Kells in veiligheid is gebracht, toen rond 800 Iona geplunderd werd door de Vikingen.

De houten kloostergebouwen bestaan niet meer; de oudste stenen kapel dateert uit de elfde eeuw, gebouwd in opdracht van St. Margaret van Schotland. De abdij is in de dertiende eeuw gebouwd door benedictijnen, maar later in verval geraakt. In 1874 vatte de Hertog van Argyll, eigenaar van het eiland, het plan op de abdij te herbouwen. Het eiland werd overgedragen aan de Iona Cathedral Trust, die er een oecumenisch liturgisch centrum moest realiseren. De hertog was kritisch over de Rooms-Katholieke Kerk én over de Schotse presbyteriaanse kerk. Hij stond achter de Oxford Movement, een liturgische vernieuwingsbeweging binnen de anglicaanse kerk, en bewonderde St. Columba en de vroege Keltische kerk die voorafging aan alle latere kerkscheidingen. Daarom kreeg de Trust als doel mee, dat in de nieuwe kerk iedereen moest kunnen meevieren, ongeacht iemands denominatie. In 1910 was de abdij herbouwd; maar nog niet de kloostergang, de slaapgebouwen, de bibliotheek en de overige kapellen. Dat gebeurde tussen 1938 en 1965, dankzij ds. George MacLeod, wijkpredikant in de achterbuurten van Glasgow en Schots parlementslid in London. Hij kreeg het geld en de werklui bijeen door van de herbouw een groot werklozenproject te maken voor de armen uit Glasgow. Nog steeds is de Iona community zowel op het eiland gevestigd als in deze stad; dit is bepalend voor de spiritualteit en de hieruit ontstane liederen.

Keltische spiritualiteit

De kenmerken van Keltisch-christelijk geloven kun je als volgt omschrijven: allereerst een diep besef van Gods aanwezigheid (in je leven, in mensen, in de schepping) zoals St. Patrick de drie-eenheid kort omschreef: God boven je en om je heen, God naast je en God in je. Ten tweede een hoopvol beeld van de mens; geen algeheel verdorven en verdoemde zondaar, omdat – zoals de geloofsbelijdenis van Iona zegt – Gods goedheid / in het hart van de mensheid / dieper geplant is / dan al wat verkeerd is (Iona Abbey Worship Book, Glasgow 2001, blz. 17). De original blessing (geschapen naar Gods beeld) zit dieper dan wat original sin is gaan heten. Toen Augustinus de erfzonde ’uitvond’, protesteerde de Ier Pelagius hiertegen. Genade staat tegenover alles wat fout en onecht is in ons, maar niet tegenover de menselijke natuur zelf, dan beledig je de Schepper. Zonde is een daad waar je ook mee kunt ophouden. Daarom heeft Iona deze schuldbelijdenis (idem, blz. 16): ‘Voor God en met Gods mensen belijd ik mijn gebrokenheid: mijn eigen leven doe ik tekort, anderen doe ik geen recht, en ik beschadig de schepping’. En het antwoord is dan: ’Moge God je vergeven, Christus je vernieuwen en de Geest je doen groeien in liefde’.

Dit positieve Gods- en mensbeeld houdt ook een andere relatie met de wereld in. Niet de mens heersend over alles, maar in verbondenheid met alles. Het spirituele hangt samen met het materiële, het geestelijke met het maatschappelijke, de hemel met de aarde. Je vindt de Iona Community op een stil en ver eiland, met liefde voor de natuur; en in de volkswijken van de industriestad Glasgow, met liefde voor mensen in al hun misère. Gebed en actie, zondag en maandag, ze horen bij elkaar.

Wat verder kenmerkend is voor de Keltische spiritualiteit is gevoel voor poëzie en liedkunst. Daar was St. Columba al om bekend. De oude Keltische gebeden, die in zijn traditie ontstonden, zijn eeuwenlang mondeling overgeleverd en pas in negentiende eeuw door Alexander Carmichael opgetekend in de Carmina Gaedelica (Keltische zangen). Ze getuigen van eenvoud, herhaling (ritme) en schoonheid. Lees ‘Kleine koe’ (Liedboek blz. 1525), ‘Het zij je vergund’ (blz. 1477), de Ierse reiszegen ‘Dat de weg naar je toekomt / je tegemoet komt’ (Liedboek 821 met een tweede vertaling eronder), en de zegenbede uit Iona ‘In ons hart en in ons huis’ (blz. 1317, uit het genoemde Worship Book). Deze laatste twee teksten staan ingedeeld bij ‘Levensreis’, wat in de Keltische traditie ‘Pelgrimage’ heet: het besef onderweg te zijn als Abraham, altijd op zoek naar wat Keltische heiligen ‘de plek van je opstanding’ hebben genoemd: waar je eindelijk zult worden wie je ten diepste in Gods ogen bent. Onderweg door het leven, op deze goede en verscheurde aarde, met alle heiligen en engelen om je heen – verbondenheid hemelhoog en wereldwijd.

Het werken in volkswijken, dichtbij mensen, betekent voor pastor en cantor John L. Bell ook: met hen zingen. Met als grote vanzelfsprekendheid: iedereen kan zingen. De liedoefening gaat daarom bij hem a capella, overdracht van voorzanger naar allen, direct van stem naar stem, viva voce. Instrumenten komen er pas later bij. Mensen zijn apprentice angels: zingende engelen in opleiding.

Bronnen

Voor het Liedboek is geput uit twee Nederlandse Iona-bundels: Liederen & gebeden uit Iona en Glasgow (Kampen 2003) en Opstaan! Meer liederen uit Iona, Glasgow en de rest van de wereld (Kampen 2008). De laatste bundel bevat meer liederen uit andere werelddelen dan de eerste. Op de omslag van deze bundel zien we behalve een idyllisch plaatje van Iona ook een foto van een dakloze uit Glasgow – mystiek en engagement samen:
De oogst uit beide Ionabundels in het Liedboek is de volgende (T = tekst en M = melodie):

John L. Bell, Schots predikant en musicus van de Iona-gemeenschap:

27a TM The Lord is my light / De Heer is mijn licht
62c M Stel je vertrouwen op God alleen
131a T U helpt mij, Heer, mijn trots te vergeten
223 TM Opstaan, morgen, weg je sluiers, dans (met Graham Maule)
301k M Kyrie eleison
400 TM Voordat ik kan ontvangen brood en wijn (T met Graham Maule)
406b M Holy, holy, holy / Heilig, heilig, heilig
406c M Holy, holy, holy Lord
410 M Lamb of God that take away
426 TM God to enfold you / God zal je hoeden
458 TM Zuivere vlam (met Graham Maule)
701 TM Zij zit als een vogel (met Graham Maule)
738 T Kom zing het lied van Eva
833 TM Take, o take me as I am / Neem mij aan zoals ik ben
932 TM Rust nu mijn ziel
956 TM We kunnen niet meer verder voor je zorgen
975 T Jezus roept hier mensen samen (met Graham Maule)

Tom Colvin        

257 T Night has fallen / Nu het avond is (melodie uit Malawi)

Shirley Erena Murray (Nieuw-Zeeland)

388 T Voor ieder van ons een plaats aan de tafel

Graham Maule (met John L. Bell)

223 T Opstaan, morgen, weg je sluiers, dans
400 T Voordat ik kan ontvangen brood en wijn
458 T Zuivere vlam
701 T Zij zit als een vogel
975 T Jezus roept hier mensen samen

Thema’s

De bijdrage die Iona wil geven aan gerechtigheid, vrede en heelheid van de schepping is af te lezen aan deze liederen. Gods aanwezigheid is in bijna alle liederen te proeven, heel specifiek in een reiszegen als ‘God zal je hoeden’. Het mensbeeld, dat het menselijk falen niet als basis neemt, ook niet wegwuift, maar benoemt om het te kunnen overwinnen, is merkbaar aan het lied voorafgaand aan de communie ‘Voordat ik kan ontvangen brood en wijn’. Dat de hemel dichtbij aardse noden is, merk je aan een lied voor ouders die een jong kind hebben verloren: ‘We kunnen niet meer verder voor je zorgen’.

De Maaltijd van de Heer kent in diverse tradities een lange geschiedenis van uitsluiting; maar in ‘Voor ieder van ons een plaats aan de tafel’ wordt niemand buitengesloten: ‘Vol vreugde ziet God naar mensen die recht doen’. Het thema gerechtigheid klinkt hierin door. Ook het lied ‘Opstaan, morgen’ snijdt sociale thema’s aan en daagt de kerk uit om daarin voorop te gaan; tegelijk is het een lofzang op de schepping, met een morgen vol zingende lijsters en een verwijzing naar de morgen van Pasen.

De drie-ene nabije God herkennen we in het pinksterlied ‘Zij zit als een vogel’ over de Geest als vrouwelijke gestalte van God. Vrouwen staan ook vooraan in ‘Kom zing het lied van Eva’; Ria Borkent vatte haar eerdere vertaling van ‘There is a line of women’ (Iona I-18) vrij samen en Wim Ruessink schreef er een nieuwe melodie bij.

Vertalers

De volgende personen hebben de Ionaliederen in het Liedboek vertaald: Ria Borkent (738, 975), Roel Bosch (62c, 131a, 223), Andries Govaart (257, 426, 932, 956), René van Loenen (388, 833), Wim Pendrecht (406b), Joke Ribbers (458, 701), Bettine Siertsema (400) en Dirk Strasser (27a). Zij hebben uiteraard affiniteit met deze liederen en hun spiritualiteit; een heel aantal van hen is op Iona geweest; sommigen maakten ook deel uit van de redactie die de Nederlandse Iona-bundels samenstelde.

Auteur: Gert Landman