Zoek een persoon

{{ filtered.length }} van {{ totalItems}} personen getoond

Geen personen gevonden

Jan Smelik


Publicaties

Bijdragen aan dit compendium

Toelichtingen bij liederen

20 Moge de Heer u antwoord geven (m)
22 Mijn God, mijn God, waarom verlaat Gij mij (m)
23a D’Almachtige is mijn herder en geleide (m)
23b De Heer is mijn herder (t+m)
24 De aarde en haar volheid zijn (m)
25a Mijn ogen zijn gevestigd (m)
30 Dank, Heer, Gij hebt het niet gedoogd (m)
35 Twist, Here, met mijn twisters, strijd (m)
45 Met luide stem breng ik de koning hulde (m)
46 God is een toevlucht te allen tijde (m)
51 Ontferm u God, ontferm u, hoor mijn klacht (m)
61 O Here, verhoor mijn smeken (m)
72 Geef, Heer, de koning uwe rechten (m)
80 O God van Jozef, leid ons verder (m)
90 Gij zijt geweest, o Heer, en Gij zult wezen (m)
91 Heil hem wien God een plaats bereidt (m)
123 Tot U, die zetelt in de hemel hoog (m)
130a Uit angst en nood stijgt mijn gebed (t+m)
131 O Heer, er is geen trots in mij (m)
137a Toen wij zaten langs het water (t+m)
138 U loof ik, Heer, met hart en ziel (m)
146 Zing, mijn ziel, voor God uw Here (m)
146a Laat ons nu vrolijk zingen (t+m)
146c Alles wat adem heeft love de Here (t+m)
148 Halleluja! Prijs God en zing (m)
149 Halleluja! laat opgetogen (m)
154b Heel de schepping, prijs de Heer (m)
157e De Barmhartige ziet naar mij om (m)
158a God zij geloofd uit alle macht (m)
176 Om Sions wil zwijg ik niet stil (t+m)
206 De zon gaat op in gouden schijn (t+m)
207 De trouw en goedheid van de Heer (t+m)
208 Nu wordt het licht, de dag breekt aan (t+m)
209 Heer Jezus, o Gij dageraad (t+m)
211 De gouden zonne heeft overwonnen (t+m)
212 Laten wij zingend deze dag beginnen (t+m)
232 Heer, blijf bij ons, kom in ons huis (t+m)
240 Blijf bij ons, Jezus, onze Heer (t+m)
254 Vriendelijk licht, dat heel de dag (t+m)
272 Wij zoeken in uw huis uw aangezicht, o Here (t+m)
283 In de veelheid van geluiden (m)
310 Eén is de Heer, de God der goden (t+m)
314 Here Jezus, om uw woord (t+m)
315 Heb dank, o God van alle leven (t+m)
316 Het woord dat u ten leven riep (m)
317 Grote God, Gij hebt het zwijgen (m)
347 Here Jezus, wij zijn nu (t)
356 O God die uit het water (t+m)
363 Dat ’s Heren zegen op u daal’ (t+m)
370 Vader, die woont in hemels licht (m)
375 God zij gezegend! Laat ons dank bewijzen (t+m)
386 Vier met alles wat in je is (t+m)
412 Wij loven U, o God, belijden U als Heer (t+m)
413 Grote God, wij loven U (t+m)
418 God, schenk ons de kracht (t+m)
423 Nu wij uiteengaan vragen wij God (t+m)
435 Hef op uw hoofden, poorten wijd (t+m)
438 God lof! Nu is gekomen (t+m)
439 Verwacht de komst des Heren (t+m)
441 Hoe zal ik U ontvangen (t+m)
443 De engel Gabriël komt aangesneld (t+m)
445 De nacht is haast ten einde (t+m)
451 Richt op uw macht, o Here der heerscharen (m)
466 O wijsheid, daal als vruchtbare taal (m)
470 U Jezus Christus loven wij (t+m)
474 Loof God, gij christenen, maak Hem groot (t+m)
475 Ik mag hier aan uw kribbe staan (t+m)
482 Er is uit ’s werelds duistere wolken (m)
485 Zeg eens herder, waar kom jij vandaan (t+m)
487 Eer zij God in onze dagen (m)
489 Komt ons in diepe nacht te ore (m)
505 In de nacht gekomen (t+m)
510 O kerstnacht, schoner dan de dagen (m)
511 Door goede machten trouw en stil omgeven (t+m)
518 Hoe helder staat de morgenster (t+m)
524 Nu Gij de doop ontvangt in de Jordaan (m)
538 Een mens te zijn op aarde (m)
541 Veertig jaren lopen door het hete zand (t+m)
555 Dans en zing: hosanna voor de koning (t+m)
562 Ik wil mij gaan vertroosten (t+m)
574 Glorie zij U, Christus, U leed onze nood (t+m)
576a O hoofd vol bloed en wonden (t+m)
580 Dag zo bitter en zo goed (m)
612 Wij komen als geroepen (m)
618 Christus lag in de dood terneer (t+m)
621 Heerlijk verschenen is de dag (t+m)
623 O hart, spring op vol vreugde (t+m)
637 O vlam van Pasen, steek ons aan (m)
645 Zing ten hemel toe (m)
647 Voor mensen die naamloos (m)
661 Ten hemel opgevaren is (t+m)
663 Al heeft Hij ons verlaten (m)
678 Vrees niet, gij land, verheug u en wees blijde (m)
695 Heer, raak mij aan met uw adem (t+m)
708 Wilhelmus van Nassouwe (m)
712 Het jaar neigt zich tot stille groet (t+m)
723 Waar God de Heer zijn schreden zet (m)
748 Het duurt niet lang meer tot de tijd (t+m)
749 Op, waak op!' zo klinkt het luide (t+m)
750 Jeruzalem, jij stad door God gebouwd (t+m)
758 Bij ’t steken der bazuinen (m)
776 Er wordt een nieuwe stad gebouwd (t+m)
794 Gods zegen bidden wij je toe
796 U Here Jezus roep ik aan (t+m)
817 O, Christus, bron van lentebloei (t+m)
827 Mensen, wij zijn geroepen om te leven (m)
834 Vernieuw Gij mij, o eeuwig licht (t+m)
863 Nu laat ons God de Here (t+m)
864 Laat ons de Heer lofzingen (t+m)
865 Komt nu met zang van zoete tonen (m)
866 Zolang als ik op aarde leven zal (m)
885 Groot is uw trouw, o Heer (t+m)
898 Een vaste burcht is onze God (t+m)
899 Wat mijn God wil geschiede altijd (t+m)
901 Ik hoor trompetten klinken (m)
902 Is God de Heer maar voor mij (t+m)
903 Zou ik niet van harte zingen (t+m)
907 Jezus, mijn verblijden (t+m)
941 Waarom moest ik uw stem verstaan (m)
944 O Heer, verberg U niet voor mij
955 Jezus, mijn verdriet is groot (m)
965 Heer, stuur zelf het schip der kerk (t+m)
970 Vlammen zijn er vele (t+m)
973 Om voor elkaar te zijn uw oog en oor (t+m)
1009 O lieve Heer, geef vrede (m)
1014 Geef vrede door van hand tot hand (t+m)

Overzichtsartikelen

Carols
Modi (kerktoonsoorten)

Biografieën

Johann Rudolf Ahle
Hermann Bonnus
C.B. Burger
Thomas O. Chisholm
Tobias Clausnizer
William Crowfoot
Johann Crüger
Delores Dufner
Melchior Franck
Ignaz Franz
Kitty de Graaf
Emmanuel Haein
Peter Jones
Fred Kaan
Albert de Klerk
Ilkka Kuusisto
Jan D. van Laar
Christian Lahusen
Hanna Lam
Inge Lievaart
Frits Mehrtens
Wilfred Monod
Philipp Nicolai
Pia Perkiö
Nelly Poortier
William Marion Runyan
Michael Schirmer
Benjamin Schmolck
Rudolf Alexander Schröder
Adriaan C. Schuurman
Martin Sieveking
Evert Louis Smelik
Charles V. Stanford
Johann Stobaüs
Hélène Swarth
Valentin Thilo
Mattheus Verdaasdonk
Johann Walter
Michael Weisse
Wilhelm II von Sachsen-Weimar
Wim van der Zee
Johannes Zwick